Verslag duurzaamheidscafé 2015 #4: Klimaattop in Parijs

De avond start hoopvol. ”We have everything to change it” werd er gezegd in het introductiefilmpje van Morgen Freeman, een applaus volgde.

De avond wordt verzorgd door Pieter Leroy, hoogleraar Milieu en Beleid van de Radboud Universiteit. De klimaatgezant van Nederland werd als eerste aan het woord gelaten. Michel Rentenaar mocht vertellen: hoe ga je nou een akkoord krijgen met 40 duizend deelnemers? En nog belangrijker: waarom zou het deze keer wel gaan lukken?

Na de klimaattop in Kopenhagen zijn we nu vijf jaar verder en dingen zijn veranderd. De veranderingen in het klimaat zijn erger geworden. Het was laatst 17,5 graden op Antarctica. Maar er zijn ook goede veranderingen, zo is de verhouding tussen Amerika en China beter geworden. Er wordt meer samengewerkt. En niet onbelangrijk: klimaatverandering wordt niet meer ontkend: ”het is echt”. Europa loopt qua doelstellingen voor op andere regio’s en landen. Maar Europa heeft dan ook al gepiekt, denk aan de industriële revolutie. Hebben de andere, minder rijke, landen niet ook recht op een dergelijke piek? Dit illustreert een van de hoofdonderwerpen van deze klimaattop, het debat tussen arm en rijk. Voor Rentenaar – hier in Nieuwsuur – is de klimaattop geslaagd als we commitment hebben, een akkoord met regels en tanden waarin lange termijn doelen worden gesteld voor mitigatie en adaptatie. Er moet iets worden gebouwd dat iedere vijf jaar weer beter kan worden en het moet transparant zijn. Bovendien moeten de rijkere landen de armere landen bij de hand nemen en waar nodig helpen om de doelen te bereiken.

Deskundigen

Na de woorden van Rentenaar wordt er een tafel samengesteld met deskundigen die elk op hun eigen manier betrokken zijn bij de COP21. Als eerste krijgt Heleen de Coninck het woord, universitair hoofddocent Innovatiestudies en duurzaamheid aan de Radboud Universiteit. Zij is aanwezig bij de COP21 om wetenschappelijke resultaten te tonen waarbij centraal staat hoe landen zich economisch kunnen ontwikkelen zonder meer CO2 uit te stoten. Landen moeten volgens haar zelf bepalen wat ze kunnen doen omdat elk land zijn eigen uitdaging heeft. Centraal staat voor haar ook de rol van rijke landen om de armere landen hierbij te helpen.
Vervolgens is het woord aan Irene Dankelman. Zij is adviseur van de Nederlandse COP delegatie op het gebied van gender equality. Voor haar is het belangrijk dat er aandacht wordt geschonken aan ongelijkheidsvraagstukken tijdens de COP. De uitkomsten hiervan zullen garanties betreffende deze kwestie moeten omvatten. Klimaatproblematiek legt een hoge druk op gezinnen doordat er bijvoorbeeld meer voedseltekorten kunnen ontstaan. Uit onderzoek is voortgekomen dat meisjes op jongere leeftijd worden uitgehuwelijkt in landen waar deze problematiek een rol speelt, een voorbeeld is Bangladesh.

Daarna is het woord aan prof. Bram Bregman, bijzonder hoogleraar Duurzaamheid en Klimaat, die ook werkzaam is bij het KNMI en deel neemt aan het IPCC (Intergovernmental Panel on Climate Change) . Hij zal zelf niet aanwezig in Parijs maar zijn collega’s organiseren er wel side events in Parijs. Zo zijn er projecten om derdewereldlanden te helpen met klimaatinformatie. ‘Wij’ moeten hulp bieden om deze landen commitment te laten geven. Deze hulp kan bijvoorbeeld bestaan uit het delen van technologieën. Op het gebied van technologische ontwikkelingen lopen wij namelijk voor op de rest. Zo bieden wij momenteel al hulp aan de Chinezen in de vorm van monitoring, zodat zij ook kunnen zien dat de maatregelen die zij nemen effect hebben. Vervolgens wordt aan Michel Rentenaar de vraag gesteld hoe realistisch het is dat overheden het probleem kunnen oplossen. Zijn antwoord is dat het niet oplosbaar is door regeringen maar dat vooral ook moet worden gekeken naar de rol van actoren buiten de overheid. We moeten collectieve verantwoordelijkheid nemen.

Het tafelgesprek wordt afgesloten met een muzikaal intermezzo van Shaza Hayek en Manito. “Prachtige Syrische kippenvelmuziek die met veel gevoel werd gebracht en de aandacht van de zaal vasthield”, was een reactie van iemand uit de zaal.

Daarna wordt ingegaan op het vraagstuk omtrent mitigation versus adaptation. Geconcludeerd wordt dat het belangrijk is om beide aspecten mee te nemen om te komen tot een succesvolle uitkomst. De vraag werd toentertijd gesteld of adaptatie wel thuishoorde binnen een COP. Gelukkig werd geconcludeerd dat dit wel zo was hierin speelde ook Nederland een rol. Wij weten maar al te goed wat adaptation is met als grootste voorbeeld de noodzaak van onze dijken, het Deltaprogramma, en het programma Ruimte voor de Rivier, dat ook hier in Nijmegen met de aanleg nevengeul, tot uitvoering wordt gebracht. Arme landen hebben weinig bijgedragen aan klimaatverandering, toch ondervinden zij vaak de grootste gevolgen hiervan. Voor hen is adaptatie daarom het belangrijkste punt op de agenda. Zo werd het mooie voorbeeld genoemd dat er landen zijn die maar 0,0000001 procent van het totale Co2 emissies uitstoten maar wel 4 tyfoons over zich heen krijgen.

Daarna wordt teruggekomen op het dilemma arm versus rijk ofwel: moeten de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen? Hier speelt het vraagstuk van climate injustice een rol. Naar voren kwam dat we moeten streven naar transparantie. Klimaatverandering brengt een rechtvaardigheidsprobleem met zich mee. Rijke landen zouden de arme moeten ondersteunen in de aanpassingen die zij moeten maken. Arme landen staan hier soms echter kritisch tegenover omdat zij niet per sé geloven dat rijke landen goede intenties hebben. Echter doordat nieuwe technologieën vaak komen vanuit de rijkere landen en zij dus ook kunnen verdienen aan het helpen van arme landen, brengt dit ook iets goeds met zich mee. ”Het is namelijk makkelijker te onderhandelen met een koopman dan met een dominee”, aldus Leroy.
Vervolgens is er wederom een muzikale intermezzo, verzorgd door dezelfde muzikanten.

Na de wederom prachtige performance van de muzikanten komt er iets veel lokalers aan bod, namelijk de launch van de Nijmeegse Voetafdruk door Volkert Vintgens (Gelderse Natuur- en Milieufederatie) en Harriet Tiemens (wethouder duurzaamheid gemeente Nijmegen).
Harriet TiemensDit is een tool waarmee een ieder kan kijken wat zijn voetafdruk is door zijn gegevens in te vullen op www.voetafdruknijmegen.nl. Het werd als eerste getest door Gerard van Gorkum en Margot Ribberink die ‘met hun billen bloot’ moesten gaan. Hun voetafdruk scoorde voor beiden beneden gemiddeld. Echter konden ze nog verbeteren op het gebied van voedsel, waar veel verspilling plaatsvindt; zij krijgen zeer toepasselijk dan ook een kliekjesboek cadeau.

Vervolgens is het tijd voor het publiek debat. Hierbij staat de vraag “wordt Parijs een succes” centraal. De zaal is bij stemming verdeeld, maar toch lijkt er iets meer hoop te zijn dan pessimisme. Als eerste komt de sombere vraag: “is het niet al te laat?” Rentenaar antwoordt hierop dat het soms op hem ook een verlammende werking heeft gehad maar dat hij ervoor heeft gekozen het glas te zien als halfvol. Ook aan bod komt dat de awareness steeds groter wordt, in het bedrijfsleven maar ook vanuit andere hoeken. Rentenaar vertelde dat hij met een klas jonge kinderen sprak over de klimaatproblematiek. Een klein meisje had de oplossing ”vieze auto’s moeten lelijk worden en alle schone auto’s mooi”.

Na het debat krijgen we live contact krijgen met Marjan Minnesma. Zij loopt momenteel van Utrecht naar Parijs om aandacht te vragen voor het klimaat. Er zijn vele NGO’s betrokken bij de klimaattop maar Urgenda doet het anders. Zij denken dat de COP21 niet genoeg is om onder de 2 graden C te komen, maar dat bedrijven, individuen en boeren dit gat kunnen dichten. Hier strijden zij voor.

Ook wordt contact gelegd met de fietsers die van Nijmegen naar Parijs fietsen. Ondanks de barre weersomstandigheden gaat het hen goed af sinds ze afgelopen maandag zijn vertrokken uit Nijmegen. Zij zijn blij gestemd en hopen dat gemeente en provincie de ruimte wordt gegeven om te streven naar innovatie.

De avond werd passend afgesloten met het Klimaatlied van Paul de Graaf.

Verslag door Esmee de Lorijn

Door Al Gore en The Climate Reality Project, “24 Hours of Reality: The Cost of Carbon” . Het laat de verhalen zien van mensen die in Afrika te maken hebben met de impact van klimaatverandering door C02 uitstoot. Somalische vluchtelingen die kampen met droogte en honger, op de vlucht naar Kenya alleen om te kunnen overleven.
In Ghana stijgt het zeewaterniveau. Bewoners van de kustplaatsen trekken landinwaarts, hun huizen zijn onder water gelopen.
In Kenya is een meer snel aan het opdrogen. Vissers kunnen niet meer leven van de visvangst. Het veroorzaakt politieke instabiliteit.
Klimaatverandering treft iedereen. Maar mensen in ontwikkelingslanden en vooral vrouwen worden nu al het hardst getroffen.
De jonge vrouw Sahena Begum uit Bangladesh leert haar gemeenschap om te gaan met het grillig geworden klimaat. Onder andere door naar het weerbericht op  BBC World News te luisteren, zodat ze op tijd kunnen vluchten voor hoog water.